Ruta del Vino: al het Argentijnse lekkers

We hebben Patagonië officieel verlaten en zijn op weg naar Noord-Argentinië. Wat ons te wachten staat is de magnifieke Andes (nog steeds), eindeloze woestijnvlaktes en wijn, liters wijn. Maar boven alles zien we dierbare vrienden terug!

Terwijl we vanuit de hoge Andes naar beneden rijden, het woestijnlandschap van Mendoza tegemoet, is het moeilijk te geloven dat dit dorre regio de bakermat is van Argentiniës beste product: wijn! Hoewel, naargelang we dichter komen, onderbreken de groene velden steeds meer de dorre heuvels. Tegen de tijd dat we helemaal omsingeld zijn door wijngaarden weten we dat we onze eerste bestemming, Valle de Uco, bereikt hebben. Ze hebben de kunst van irrigatie hier goed onder de knie en hebben met behulp van het water uit de bergen de woestijn tot bodem voor hun rode goud kunnen maken. Deze vallei, op zo’n 100 kilometer van Mendoza, is de thuisbasis van enkele van de beste bodegas van het land. Vaak werden die opgericht door ingeweken wijnmakers van Frankrijk, Italië of andere geroemde wijnstreken en brachten ze een schatkist aan kennis mee naar een ideaal klimaat. We starten in de Salentein Bodega, de makers van onze favoriet, de Portillo Malbec. We kunnen niet meer bijhouden hoeveel van deze -in Argentinië- goedkope, maar heerlijke wijn we al geleegd hebben, maar in ieder geval zo veel dat we dit wijnhuis bovenaan onze “te bezoeken-lijst” zetten. De wijngaard, in Nederlandse handen, weet hoe zijn bezoekers te imponeren: de oprijlaan, geflankeerd door bomen en wijnranken, eindigt bij een indrukwekkend, modern bezoekerscentrum met kunstmuseum en luxerestaurant. Hun goedkoopste rondleiding kost 22 dollar per persoon en houdt maar een minimale proefsessie in. We willen vooral graag proeven hier, dus geven we ons geld uit in de bar in plaats van aan de rondleiding. Op het terras, uitkijkend over de wijngaarden en met de Andes op de achtergrond genieten we van enkele van hun beste wijnen. Tegen het einde van de dag zoeken we een aangenaam kampeerplaatsje bij de rivier, springen snel even in het water -want wie heeft er douches nodig?- en koken we heerlijke hamburgers. We raken aan de praat met een visser die een Amerikaan blijkt te zijn die in de regio werkt om importeurs uit de VS in contact te brengen met wijngaarden. Hij geeft ons enkele tips en goede adresjes, maar later blijkt dat zijn smaak toch net iets boven ons budget ligt. De volgende dag doen we wel eens decadent. We hebben een reservatie bij Domein Bousquet voor een vijfgangenmaal met aangepaste wijnen, de perfecte manier om te proeven wat zij in de aanbieding hebben. Het is helemaal geweldig: de wijn, het eten, de wijn in het eten, heerlijk! We krijgen nog een korte rondleiding van het wijnhuis en kelders, waar we leren hoe de regio uitermate geschikt is voor biologische productie dankzij het klimaat dat maar weinig plagen toelaat. We doen die avond niet veel anders meer en slaan de eerste wijngaard in waar we hopen te kunnen overnachten. We vragen de boer of we tussen zijn wijnranken mogen slapen en hij ziet er geen probleem in, zo lang wij het niet erg vinden dat we vanaf zes uur morgenvroeg gewekt zullen worden door de machines. Die nacht slaat het weer om en rijden we de volgende dag door naar Mendoza, om dichter bij de stad ook wat pareltjes van wijnen te ontdekken. De dag valt een beetje tegen aangezien veel wijnhuizen die we wilden bezoeken gesloten zijn. Blijkbaar zijn wij -uiteraard- net hier in het weekend voor de feestdag waarop de wijnboeren gevierd worden, dus genieten ze praktisch allemaal van een verlengd weekend… Bovendien vinden we Valle de Uco veel mooier dan Maipu of Lujan de Cuyo, dus we zijn niet echt onder de indruk. Zondag brengen we door in de stad zelf, eveneens een slechte beslissing, want die is die dag een echte spookstad. Gelukkig vinden we enkele open wijnwinkels -Hannes was nog op zoek naar enkele goede flesjes van de bodegas die gisteren gesloten waren- en we kunnen er ook nog terecht voor een lekkere lunch. Met een glas wijn maken we een einde aan ons bezoek aan Mendoza en gaan we verder naar de volgende provincie, San Juan.

De stad San Juan staat slechts om één reden op onze lijst: meer wijn. We gaan langs een gewoon wijnhuis en één dat schuimwijn maakt. Deze streek wordt duidelijk minder bezocht en alles is gezellig en op kleinere schaal, maar we moeten toegeven dat de kwaliteit toch wat minder aantrekkelijk is dan die van hun zuidelijke buren. Na onze lunch en wat rust om de proevertjes uit ons bloed te krijgen, gaan we verder noordwaarts door de woestijn naar Dique Cuesta del Viento. De werkelijke reden waarvoor we naar San Juan kwamen is de gunstige gelegenheid tot kitesurfen. Één van de kitescholen laat ons graag kamperen op het terrein gedurende de dagen dat Hannes er lessen neemt, dus maken we het ons comfortabel en wachten we tot de wind arriveert. Of dat was het plan. De lekkere varkensribbetjes met pepersaus die Hannes gisteren maakte, lagen misschien toch al iets te lang in de toog bij de slager en niet lang genoeg in de pan. Hij moet zijn les uitstellen, want met zijn darmen in de war zit hij liever niet vast in een wetsuit. De volgende dagen zijn er geen problemen en neemt Hannes opnieuw zes lesuren op. Het duurt even voordat hij er weer in zit zoals in Jeri, maar uiteindelijk lukt het terug goed en kan hij tevreden verder. We hebben een strak schema vanaf nu, want morgenavond hebben we afgesproken met onze Argentijnse vrienden, Gaston en Soledad, in Cordoba en dat is nog een eindje rijden. Daarom rijden we nog een stuk door wanneer het donker is, iets wat we meestal proberen te vermijden. Plots steekt er iets de weg over, vlak voor onze auto. Hannes slaakt een hoge gil en kan niet snel genoeg meer remmen of het dier ontwijken, dus horen we het konijnachtige dier met een smak tegen onze bumper gaan. Treurig om ons eerste slachtoffer stoppen we aan de eerstvolgende mirador om te slapen. Of dat proberen we, bij dertig graden is het nogal moeilijk in slaap geraken… op onze weg naar Cordoba komen we langs San Juans grootste toeristische attractie: Ischigualasto park, ook gekend onder de veel makkelijker uit te spreken naam Valle de la Luna. We twijfelen nog of we dit park willen bezoeken aangezien het een grijze dag lijkt te worden en je allemaal samen in een rij moet rijden achter de gids. De zon komt er toch door en aangezien het zo’n gekende bestemming is, beslissen we er toch naartoe te gaan. Er zijn interessante rotsformaties te zien en de kleuren zijn mooi, maar deze soort tours zijn niet ons ding. We zijn erg blij wanneer we bij de laatste attractie dan eindelijk alleen naar de uitgang mogen rijden van de gids, toch nog een beetje vrijheid hier!

Een beetje later dan gepland -we zijn het niet meer gewend om files mee te rekenen in onze reistijd- komen we aan bij Gastons bureau in Cordoba. Het was een lange en vermoeiende rit, dus houden we het vanavond rustig met ons vier. We bestellen Milanesas Cordobésas en openen een fles wijn voordat we ons terugtrekken met Netflix en naar bed gaan. Het is weekend, Soledad is speciaal voor ons vanuit Buenos Aires naar hier gekomen, dus brengen we het weekend door zoals ze dat in Cordoba doen: we gaan naar de Siërra’s voor een verfrissende duik en wat te kuieren in de zon met wat maté. De volgende dag kiezen we ervoor om opnieuw buiten te spenderen in de Siërra’s in plaats van te barbecuen bij Gaston. Dat bleek de foute beslissing te zijn… halverwege een heuvel spuwt Gastons wagen alle koelvloeistof uit in een stomende wolk en we brengen de rest van de dag noodgedwongen wachtend op hulp door. Die dingen gebeuren nu eenmaal en we hadden ten minste goed gezelschap om de tijd te doden! Na het weekend moeten normale mensen blijkbaar terug aan het werk dus bedanken we Soledad en Gaston nogmaals voor hun gastvrijheid en gaan we verder naar het noorden. Toch voor 25 kilometer, want dan beseffen we dat de auto olie lekt en we weten dat Cordoba de beste plaats gaat zijn om nog iets te laten maken. Was het het konijn of de leeftijd van de auto? We zullen het nooit weten. Die avond staan we terug aan Gastons deur, wachtend op de reparatie van onze auto. De volgende dagen brengen we onze tijd door in de stad, proberen we onze blog bij te krijgen en zijn we blij wanneer we op donderdag eindelijk bericht krijgen dat de auto klaar is. Wanneer we de werkplaats uit rijden, merken we iets vreemd aan de versnellingen, dus rijden we terug binnen en laten we hen nog eens kijken. Een klein plastic onderdeeltje is gebroken, maar dat kunnen ze pas mañana repareren. Nog een dag langer vast hier… zonder al te veel vertraging kunnen we op vrijdag dan echt verder naar Tucumán. We waren toch wat angstig om hiernaartoe te rijden aangezien alle Argentijnen die we vertelden over onze plannen om naar het noorden te gaan ons zeiden dat het er heel mooi en tranquilo is, maar er dan ook telkens snel bij zeiden dat we goed moeten oppassen voor de dieven van Tucumán, de lokale specialiteit blijkbaar. Het ziet er inderdaad als de armste streek uit, maar wij komen er zonder problemen doorheen en ontmoeten enkel oprecht vriendelijke en nieuwsgierige mensen hier. En ze hebben de alllerbeste empanada’s!

We ontsnappen uit de hitte wanneer we door een stuk weelderig groen wolkenwoud, de Yungas, rijden naar de hooggelegen vallei Tafí del Valle. Op zich niet zo bijzonder, maar we kunnen de meer gematigde temperaturen en vooral de koelere nachten wel appreciëren. Na een kleine rondrit en even te proeven van de lokale kaas in een kleine winkel, gaan we door naar onze werkelijke bestemming: Cafayate. Wat brengt ons hier? Inderdaad, wijn. Deze stad is het epicentrum van de tweede wijnstreek in Argentinië, specifiek bekend om zijn fruitige Torrontesdruif. We kunnen wegens gebrek aan koelkast geen witte wijnen drinken in onze auto, dus lijkt het ons fijn om die te gaan proeven bij de bron. De wijngaarden hier zien er even spectaculair uit en op nog grotere hoogte dan Mendoza, worden de wijnranken hier onderbroken door enorme cactussen, die beschermd worden in de regio. Na onze goede ervaring in Mendoza, gaan we ook hier nog eens voor een lunch met aangepaste wijnen. De bodega van Piatelli lijkt ons daarvoor de ideale plaats. En opnieuw krijgen we ongelooflijk lekkere maaltijden en wijnen voorgeschoteld en de setting is nog mooier dan vorige keer. Ditmaal dutten we even op de parking, want er is geen rondleiding voorzien na de lunch en rijden is nog geen optie. Ver rijden we ook niet meer, niet ver buiten het domein vinden we de ideale plaats om te kamperen. De volgende ochtend bezoeken we nog één wijnhuis -elf uur is een excellent moment om te proeven, niet? Als afsluiter gaan we nog Torrontes- en Cabernetijs proeven na de lunch.

Dit stilde eindelijk onze dorst naar wijn, dus verlaten we Cafayate langs een panoramische route. Of niet, eerst doen we nog een dutje, want het landschap waar we door rijden ziet er nog veel mooier uit in het avondlicht. Het waren twee geweldige weken en met de vele liters wijn en diesel die we consumeerden, arriveren we in het uiterste noorden van Argentinië: de provincies Salta en Jujuy, een 4987 kilometer van Ushuaia waar we twee maanden geleden vertrokken.


Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s