Natuurlijke pracht aan beide zijden van de grens

Onze noordwaartse reis kan beginnen en die doen we langs de Ruta 40, die we vanuit Rio Gallegos in het zuiden helemaal kunnen volgen tot aan de grens met Bolivia in het noorden. We zullen wel een aantal keer doorsteken naar Chili, dus in tegenstelling tot de Ruta 3, zullen we van de Ruta 40 niet elk stukje gezien hebben, maar afwisselen met mooie stukjes in Chili.

Nadat we in El Chalten nieuwjaar vierden met zelfgemaakte pizza’s en een hoop nieuwe vrienden, blijven we hier niet te lang meer hangen. We waren hier een maand geleden al en hebben gedaan wat we wilden, dus is het tijd om andere oorden op te zoeken. Wanneer we El Chalten uit rijden staan er, zoals gewoonlijk, veel lifters langs de weg. Met onze auto hebben wij wel plaats voor twee extra passagiers, dus nemen wij twee uitverkorenen mee. Ditmaal zijn dat Theo en Inez. Dit Frans-Duitse koppel reist voornamelijk liftend door Zuid-Amerika en ze hebben flexibele plannen. Ze willen richting Los Antiguos, waar ook wij naartoe gaan, maar willen gerust nog wat stops onderweg doen. Wij gaan, voordat we halt houden in Los Antiguos, nog langs het nationaal park Perito Moreno, een erg weinig bezocht park, maar met erg mooie wandelingen en uitzichten. De reden dat dit park zo weinig bezocht wordt, is dat het vrij ver ligt van alle steden en dorpjes en er ook geen bus naartoe rijdt. Je bent dus volledig op je eigen vervoer aangewezen om hier te geraken en daardoor geraken veel toeristen hier niet. We kunnen het goed vinden met onze lifters en wanneer we het hebben over onze plannen om langs dit park te gaan, nodigen we hen uit om mee te komen. Na wat inleeswerk is ook bij hen de interesse gewekt en reizen we de volgende dagen met z’n vieren verder. Wanneer we bij valavond aankomen bij het park, begrijpen we waarom hier niet veel mensen komen. Het park ligt op 90 kilometer van de geasfalteerde weg en de zandweg ernaartoe is niet in al te beste staat. We hadden verwacht dat we aan de inkom zouden moeten overnachten nu we zo laat aankwamen, maar de parkwachter is zo vriendelijk om uit zijn huis te komen en ons te registreren. We krijgen ook een uitgebreide uitleg over de veelbelovende wandelroutes die we hier kunnen doen de volgende dagen. We rijden verder naar het parkwachterskantoor in het noorden van het park aangezien we daar morgenvroeg willen starten. De parkwachter daar zegt dat we nog wat verder kunnen rijden tot een plaats waar onze lifters in een hutje kunnen slapen, zodat ze iets beter beschermd zijn tegen de kou, het is hier amper 5 graden. We proberen er te geraken, maar de weg ligt er al snel te slecht bij en we beseffen dat we hier te veel kans hebben om vast te geraken met onze auto dus keren we terug naar het parkwachterskantoor.

In dit park zijn er geen meerdaagse wandelingen, dus vullen we onze dagen met enkele kortere wandelingen, waarbij de zichten niet moeten onderdoen voor de meerdaagse tochten die we al deden. We starten onze dag rustig en wandelen naar Pasarela Río Volcán. Onderweg naar de start van de wandeling stoppen we nog bij twee uitkijkpunten. Bij het eerste, de Mirador de Aves, kijken we uit op een groep vogels met onder andere prachtig roze flamingo’s. Bij het volgende worden we letterlijk van onze sokken geblazen. Bij het tweede uitkijkpunt, over valei Volcán, is de wind zo sterk dat je er bijna op kan gaan liggen. De wandeling brengt ons bij een kloof waardoor ongelooflijk turquoise water stroomt. Over de kloof strekte zich vroeger een brug voor de schapen van de ene naar de andere kant te laten gaan, maar daar zien we nu enkel nog het puin van. We blijven er een tijdje van het uitzicht genieten en krijgen een luchtshow van condors te zien. Wanneer de vogels ons verlaten duiken er beneden twee guanaco’s op die ergens van lijken weg te spurten – is dit het moment, gaan we een poema zien? Helaas, geen poema, de ene loopt weg van de andere, het is paartijd voor deze diertjes, dus jagen ze elkaar wel eens op momenteel. Het ene mannetje verdedigt zijn gebied sterk en jaagt de andere steeds weg wanneer die dichter komt, wanneer hij hem door het water kan jagen blijft hij hem vanaf de oever nog even nakijken en wandelt dan als een tevreden winnaar weg.

Na de middag beklimmen we Cerro Léon. Onderweg zien we in de verte guanaco’s liggen, maar op een manier die we nog niet gezien hebben. Wanneer we wat preciezer kijken merken we dat deze guanaco’s wel hun paarmaatje gevonden hebben, nu weten we dus ook weer hoe dat gaat. Vanaf de top – eerlijk gezegd, een beetje ervoor, want door de sterke wind konden we niet meer verder – krijgen we een magnifiek zicht over peninsula Belgrano en het water errond dat schitterende kleuren heeft.

Onze tweede dag in het park bezoeken we nog wat uitkijkpunten waarbij we steeds weer versteld staan van de schoonheid en niet kunnen geloven dat niet meer mensen dit komen aanschouwen. De wind weerhoudt ons ervan om vandaag nog langere wandelingen te doen, maar we zijn tevreden met alles wat we hier konden zien. Vanuit de auto, tijdens de wandelingen, op de camping, we hebben zo veel dieren gezien die zich – meestal – totaal niet stoorden aan onze aanwezigheid, prachtig gewoon. Nergens voorheen waren de vossen zo nieuwsgierig, de Ibissen zo talrijk en de nandoes zo vermakelijk. Onderweg naar Los Antiguos zouden we nog een uitstap willen maken naar de Cueva de Las Manos, waar we 9 000 jaar oude rotstekeningen kunnen zien. Die liggen ook een eind van de hoofdweg, dus weten we dat we niet moeten treuzelen als we er vandaag nog willen geraken. Onderweg schijnt de zon al goed en wanneer we uitstappen bij de cueva merken we al snel dat de temperatuur hoger ligt dan we gewend geraakt zijn de voorbije weken. De tekeningen kunnen enkel met een rondleiding bezocht worden, maar deze keer vinden we dat niet zo erg. De gids geeft veel informatie en het is een goede oefening voor ons Spaans, de passieve kennis lijken we intussen vrij goed te bezitten. Zoals de naam al prijsgeeft zijn hier vooral handen getekend, maar hier en daar zien we ook guanaco’s en andere figuren.

De volgende dagen genieten we wat van het mooie weer en werken we heel wat kersen binnen. Nu we in Los Antiguos zijn, de hoofdstad van de kersen, zijn ze overal te koop en ze zijn ook erg lekker. Hier nemen we afscheid van Inez en Theo, die de volgende dag proberen verder te liften naar Chile Chico. Ook wij gaan die richting uit, maar een aantal dagen later. We relaxen aan het Lago Buenos Aires en Hannes kan zich niet weerhouden om er toch eens in te gaan zwemmen. Zodra hij het water aan zijn tenen voelt, weet hij dat het water hier toch wat te fris is voor een aangename duik. Hij houdt zich wel stoer en gaat kopje onder, maar meer dan eens soppen zit er toch niet in en hij staat al snel terug aan de kant. Uiteindelijk steken ook wij door naar Chile Chico, maar dit keer treffen we de foute controleur bij de grenscontrole. We wisten van ervaringen van anderen dat ze hier wel eens lastig konden doen, maar wij waren in de overtuiging dat we niets bijhadden dat se grens niet over mocht. Deze dame doet haar uiterste best om toch iets te kunnen vinden en uiteindelijk neemt ze onze gedroogde erwten, linzen en kikkererwten af. Ze zegt dat deze producten niet binnen mogen aangezien ze in Argentinië geproduceerd werden. Het gemengde zakje linzen, erwten en maïs, eveneens van Argentijnse makelij, laat ze liggen, dus wij begrijpen niet goed wat het probleem is. Ze haalt haar gelijk door te zeggen dat wij aangegeven hebben dat we geen voedsel bijhebben – zoals ze ons bij de eerste grensovergang aanraadden – terwijl we dat wel hadden moeten doen. Hier kunnen we weinig tegenin brengen, maar wanneer ook haar collega vraagt waarom we de etenswaren niet mogen meenemen, beseffen we dat we gewoon de verkeerde persoon getroffen hebben en ze even haar macht wilde laten gelden. Als kers op de taart snijden ze de zakken voor onze neus kapot en kegelen ze alles de vuilbak in, onbegrijpelijk.

Wanneer we in Chile Chico de auto parkeren voor een restaurant zien we Inez en Theo zitten, dus gaan we even iets meedrinken en laten we deze zure grensovergang niet al te erg aan ons hart komen. De volgende dag rijden we richting park Patagonia, een nieuw park, gesticht door wijlen The North Face-oprichter Doug Thompkins. Het nieuwe park is ontstaan door het samenvoegen van drie parken: Doug Thompkins en zijn vrouw Kris richtten Parque Patagonia op in de Chacabucovallei, gaven het aan de Chileense staat die het samen met Valle Tamango en reservaat Lago Jeinimeni tot één groot natuurgebied maakte. Dit is een heel ander niveau dan wat we gewend zijn van de parken in Chili en Argentinië. De infrastructuur is gloednieuw en alles ziet er hier mooi onderhouden uit. We komen er aan wanneer het informatiecentrum al gesloten is, dus overnachten we op de parking en bij het ontwaken de volgende ochtend is onze auto omsingeld door grazende guanaco’s. Dit maakt dit fraaie park alleen maar mooier. We halen een kaart van het park bij het informatiecentrum en beginnen onze opties te bekijken. Vandaag bezoeken we het interessante, maar ook confronterende museum van het park en morgen beginnen we te wandelen. Het museum werpt een licht op de menselijke impact op de omgeving en de noodzakelijkheid van beschermde natuurgebieden. ‘s Avonds krijgen we een gouden zonsondergang bij een mistige achtergrond en we zuchten weer tegen elkaar dat het hier toch schoon is. We wilden graag een meerdaagse tocht maken, maar uiteindelijk lijkt die optie ons toch niet zo interessant. We zijn een beetje laat opgestaan en Stefanie ziet het niet meer zitten om vandaag nog de 20 kilometer lange Lagunas Altas-wandeling te starten. Hannes vertrekt dus alleen, maar omdat alleen wandelen tegen het advies ingaat en er toch wel heel veel borden staan hier over wat te doen als je een poema tegenkomt, sluit hij zich aan bij de Duitse groep die hij op het pad tegenkomt. Er zijn heel wat mooie uitzichten op de wandeling, maar erg divers zijn ze niet, zeker niet voor zo’n lange tochr. Hannes beslist daarom om toch maar alleen verder te gaan, wetende dat hij in zijn eentje deze toch veel sneller kan afmaken. Hij wilt bovendien eens graag een poema zien, dus gaat hij ervoor. Inderdaad sneller dan verwacht, maar zonder poemageluk, wordt hij door Stefanie opgepikt aan het einde van de wandeling in een opgeruimde auto vol netjes gewassen kleren.

Het was geweldige week met twee mooie en erg verschillende nationale parken in zowel Chili als Argentinië. We hebben zo vele dieren gezien en hebben, tevergeefs, hard gezocht naar poema’s. Het meest frustrerende was dat we even later Parque Patagonia op sociale media een filmpje zien posten van een poema die rustig over de camping loopt waar wij destijds waren. Ach, misschien hebben we meer geluk wanneer we noordwaarts gaan op de Carretera Austral richting een andere creatie van de Thompkins: Parque Pumalin.


One thought on “Natuurlijke pracht aan beide zijden van de grens

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s