Chapada Diamantina – Het wilde Noordoosten deel 1

Spectaculaire landschappen in combinatie met geweldige wandelmogelijkheden: dat is wat ons om vijf uur ‘s ochtends deed afstappen in Lençois. De enigen die nog wakker zijn in dit slaperige dorpje zijn een handvol dorpelingen die er een betere zaterdagnacht hebben opzitten dan wij. Wanneer ook zij beslissen dat het welletjes geweest is en ze maar beter hun bed gaan opzoeken, blijven enkel wij wakker, samen met wat kraaiende hanen in de verte.

Na een (poging tot) een dutje op één van de banken op het dorpsplein opent eindelijk het eerste ontbijtcafé om half acht. Na ons ontbijt kunnen we op zoek naar een betaalbare slaapplaats met betrouwbare WiFi om onze eerste blogpost online te krijgen. Onderhandelen is hier erg nuttig, maar jammer genoeg moeten we de nieuwe, ruime tweepersoonssuite, die we voor een prikje kunnen krijgen, laten gaan aangezien de WiFi er momenteel niet werkt. Ze beloven ons wel dat die vandaag – of ja, morgen ofzo – wel terug zal werken. We verkiezen zekerheid en gaan daarom terug naar onze eerste keuze: het gezellige en warme Odara Hostel. De rest van het dorp straalt ook één en al sfeer uit: straten van kasseien, felgekleurde huisjes, restaurantjes en winkeltjes vol handgemaakte spullen. De vegetarische en veganistische opties die hier expliciet geadverteerd worden in de restaurants zorgen ervoor dat Stefanie meteen fan is na onze eerste verkenning van het dorp. Dit is duidelijk niet het doorsnee Brazilië. Dat vinden we allebei ook wel een leuke afwisseling. Het grootste deel van onze tijd hier spenderen we in ons hostel en in de gezellige cafeetjes, werkend aan onze blog en pannenkoeken etend (Ja, die maken ze hier echt heel lekker!). We bereiden ons ook grondig voor op de volgende dagen waarin we zullen wandelen door het nationaal park Chapada Diamantina. Wat we van plan waren om op één dag te doen wordt snel verdeeld over drie rustige, ontspannende dagen in Lençois. Bij het voorbereiden van de wandelingen merken we dat de lokale bevolking niet wilt dat mensen alleen het park in gaan. Maar gegidste wandelingen zijn erg duur en onze gps-apps zijn erg duidelijk en zelfs gedetailleerder dan de kaart van het park, dus volharden we en zetten we ons plan om dit op ons eentje te doen voort. Woensdagochtend, zeven uur, is het dan zo ver en zijn we klaar om de volgende drie dagen te wandelen. De praktische kant van onze wandeltochten kan je binnenkort ook op onze website terugvinden.

Vanuit Lençois leidt er een steile zandweg van zes kilometer naar het nationaal park. Gelukkig hoeven we deze saaie weg niet al te lang te volgen, want na enige tijd stopt er een auto naast ons die naar de rand van het park gaat en ons graag meeneemt. Een lift die we niet afslaan aangezien het nog maar acht uur is en we al baden in het zweet. We starten onze wandeling met het minder bezochte deel van het park. Tijdens onze voorbereiding konden we er dus ook weinig over terugvinden en wisten we niet zo goed wat we konden verwachten. Toch stelt het niet teleur en weerklinkt er een gezamenlijke, bewonderende “ooooh” uit onze monden van zodra we een glimp opvangen van de steile kliffen waar het park om bekend staat. Dit doet onze chauffeur lachen en niet veel later seint hij dat we op zijn bestemming aangekomen zijn. Tijd voor ons om ons terug in het zweet te werken! Het pad ligt 100 meter verderop en is goed aangeduid. Dit pad zal ons helemaal naar de Morro do Pai Inacio brengen, het allerbekendste uitzicht van Chapada Diamantina. Wie heeft er een dure gids nodig?! Vol zelfvertrouwen in zijn eigen navigatievaardigheden en die van zijn telefoon, is Hannes toch nog wat nerveus. Het is tenslotte de eerste keer dat we de Braziliaanse natuur ingaan en daar horen toch een aantal dingen bij die wij niet gewend zijn: giftige slangen, poema’s en enge spinnen (om er maar een aantal te noemen). Gewapend met wandelstokken en -schoenen starten we vol goede hoop aan het pad. Navigeren blijkt hier niet moeilijk te zijn: er is een duidelijk pad te zien en alle splitsingen die we tegenkomen zijn duidelijk weergegeven op onze kaarten. Afgezien van de kleurrijke bloemen en honderden hagedissen hebben we nog niet veel opgemerkt in de bosjes. Maar toch is er een mysterieus laag gebrom dat we af en toe horen en we hebben geen idee waar het vandaan komt. Plots horen we het opnieuw en deze keer vinden ook onze ogen de weg naar de bron van het geluid: een kolibrie, een glanzend groen vederdek dat van bloem naar bloem flitst om van de nectar te smullen. De eerste van velen die we nog zullen zien de volgende dagen.

Nadat we door een smalle kloof wandelen – zo één waar je je gemakkelijk kan voorstellen dat een poema je van bovenaf besluipt – krijgen we een imposant zicht over de vallei waar we door zullen wandelen. In de verte kunnen we ook ons doel voor vandaag al zien: Morro do Pai Inacio. Rond de middag bereiken we de weg aan de andere kant van de vallei al. Hier rusten we even uit naast een rivier met natuurlijke poelen en maken er ook onze lunch – zelfs droge polenta met wat kruiden smaakt geweldig na een lange wandeling. We blijven nog wat liggen in onze hangmat, maar eigenlijk net iets te lang, want we moeten ons nu echt haasten om ons einddoel nog te bereiken en de mooie kleuren op de bergwanden te kunnen zien vanaf de Morro do Pai Inacio. Gelukkig is de lieve Flavia onze redder in nood. Ze zag ons liften in de schaduw van het kolossale bergplateau en pikt ons op. De weinige Portugese en Engelse woorden uit ons gezamenlijke vocabularium volstaan om ons duidelijk te maken hoe gek zij is op het uitzicht vanaf deze berg. Ze neemt ons helemaal mee naar de start van de finale klim. Na 15 minuten bereiken we de top en zien we dat het inderdaad een zicht is om verliefd op te worden. 360 graden schoonheid, zo mogelijk nog mooier gemaakt door de warme kleuren van de ondergaande zon. Wat een beloning na een eerste dag wandelen, we weten meteen waarvoor we hier zijn.

Tegen dat we terug beneden zijn is het donker en zijn we best uitgeput van deze dag: achttien kilometer vanuit Lençois (inclusief lift). We hebben onderweg en vanaf de top geen goede plek gezien waar we kunnen kamperen, dus vragen we bij het truckerscafé en -motel of we daar onze tent mogen opzetten. De speeltuin wordt er onze kampeerplaats voor de avond. Uitgerust en opnieuw vol energie worden we de volgende ochtend door de eigenaars van het café naar de start van het pad naar Capão gewezen, dat vanuit hun tuin start. We zullen vandaag niet helemaal tot in Capão wandelen, wat zo’n 25 kilometer is, maar minstens tot aan Aguas Claras, bijna halfweg. Het is een bewolkte ochtend, wat ook de temperatuur een pak aangenamer maakt, dus proberen we hier zoveel mogelijk voordeel uit te halen en het grootste stuk van de wandeling achter de rug te hebben voordat de zon weer tevoorschijn komt. Wanneer we bij Aguas Claras aankomen, hebben we het toch weer aardig warm en zijn we blij dat we een verfrissende duik kunnen nemen. De zon is er terug en de temperatuur zit weer boven 30 graden. Deze plaats voelt als het paradijs: prachtige watervallen die uitkomen op een natuurlijke zwemvijver, helder en fris water in een groene oase met de bergen op de achtergrond. We hebben geen haast om in Capão te geraken, dus beslissen we om de rest van de dag hier door te brengen. Nadat de dagtoeristen vanuit Capão weg zijn hebben we de plaats bijna voor ons alleen. Een ander koppel heeft hetzelfde plan en zal hier ook overnachten. We wisselen wat tips en ervaringen uit en zij maken ons snel duidelijk dat je hier toch echt maar beter oppast: toen ze de dag ervoor probeerden te overnachten onder een rotswand op een nabijgelegen bergtop hield een twee meter lange ratelslang hen van hun slaap.

Stiekem hopend dat hij ook een slang zou zien – maar dan wel liever overdag – zou Hannes die nacht, zij het om een andere reden, niet veel slapen. De afgelegen locatie en indrukwekkende omgeving vormen de perfecte setting om prachtige sterrenhemels te fotograferen. Helaas speelt de maan spelbreker en tegen dat ze ondergaat verschijnen, net zoals elke ochtend, rond vijf uur de wolken voor een uurtje motregen. Volgende keer meer geluk. Nu we toch wakker zijn, profiteren we wederom van die aangename temperatuur ‘s ochtends. We koken snel onze instant noedels – Stefanie is niet echt een ochtendeter, dus eten we als ontbijt eender wat makkelijk bij haar binnengaat en ons genoeg energie zal opleveren voor de wandeling – en nadat we ook nog wat water filteren voor onderweg, starten we terug. De eerste twee uren van de dag brengen we nog steeds in een mooi decor door, maar aan de grens van het park verandert het pad in een gravelweg en maakt de zon het weer een pak zwaarder. We hopen opnieuw op een lift van een passant, maar deze keer hebben we minder geluk en wandelen we de vijf kilometer tot in het dorp. Ellendig door de hitte en zere voeten, kunnen we dankzij een heerlijke en volledig zelfgemaakte, vegetarische burger en een frisse pint opnieuw gelukkig gemaakt worden. Wie dacht dat Lençois al een ander, alternatief stukje Brazilië was, is duidelijk nog niet in Capão geweest…

Meer lezen? Ga naar deel twee!


4 thoughts on “Chapada Diamantina – Het wilde Noordoosten deel 1

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s